Logo uwwet.nl wetgeving overwegingen rechter juridische bijstand jurisprudentie uitwerkingen rechtspraak juristen regelgeving uitspraken advocaten besluiten notaris wetten rechtsbijstand rechterlijke beslissingen toelichtingen rechtshulp
www.uwwet.nl is er voor iedereen. Wij bedoelen dan ook iedereen.
Bestudeer uw rechten en plichten op uwwet.nl
-
-

- rechtspraak

LJN: BN3748, Gerechtshof 's-Gravenhage , 200.052.633/01

Datum uitspraak: 09-06-2010
Inhoudsindicatie: Niet-aannemelijk gemaakt dat de uitspraak van de aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven heeft voldaan, hiertoe is onvoldoende gesteld. Voorts onvoldoende gesteld om de rechtsgrond aan te vullen.





Uitspraak

GERECHTSHOF ís-GRAVENHAGE
Familiesector

Uitspraak : 9 juni 2010
Zaaknummer : 200.052.633/01
Rekestnr. rechtbank : FA RK 09-813

[de man],
wonende te [woonplaats],
verzoeker in hoger beroep,
hierna te noemen: de vader,
advocaat mr. C.T.W. van Dijk te Utrecht,

tegen

[de vrouw],
wonende te ís-Gravenhage,
verweerster in hoger beroep,
hierna te noemen: de moeder,
advocaat mr. S. Salhi te ís-Gravenhage.





PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP

De vader is op 22 december 2009 in hoger beroep gekomen van een beschikking van 22 september 2009 van de rechtbank Ďs-Gravenhage.

De moeder heeft geen verweerschrift ingediend.

Van de zijde van de vader zijn bij het hof op 19 januari 2010 en 10 mei 2010 aanvullende stukken ingekomen.

Op 19 mei 2010 is de zaak mondeling behandeld. Verschenen zijn: de vader, bijgestaan door mr. H.K. Jap-A-Joe, waarnemend voor de advocaat van de vader, en de advocaat van de moeder. De vader is voorts bijgestaan door de heer drs. M. Kasmi, tolk in de Marokkaans/Arabische taal. De aanwezigen hebben het woord gevoerd.





PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN

Bij beschikking van 29 mei 2007 van de rechtbank ís-Gravenhage is een door de vader te betalen bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van Ä 200,- per maand per kind bepaald. Bij beschikking van 19 maart 2008 van het hof ís-Gravenhage is deze beschikking bekrachtigd.

Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof verder naar de bestreden beschikking van 22 september 2009. Bij die beschikking is het verzoek van de vader om, met wijziging van de beschikking van het hof ís-Gravenhage van 19 maart 2008, met ingang van 1 april 2007 de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de na te noemen minderjarigen op nihil te bepalen, afgewezen.

Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daar in hoger beroep geen grief tegen is gericht.





BEOORDELING VAN HET HOGER BEROEP

1. In geschil is de door de vader aan de moeder te betalen bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding (hierna: kinderalimentatie) van de minderjarigen [X], geboren [in 1996] te [woonplaats], en [Y], geboren [in 1998] te [woonplaats], hierna gezamenlijk: de minderjarigen.

2. De vader verzoekt het hof de bestreden beschikking te vernietigen en, opnieuw beschikkende, zijn oorspronkelijk verzoek alsnog toe te wijzen, kosten rechtens.

3. De advocaat van de moeder heeft, namens de moeder, het beroep van de vader ter zitting van het hof gemotiveerd bestreden.

4. De vader stelt zich op het standpunt dat de rechtbank ten onrechte de kinderalimentatie niet op nihil heeft bepaald. De vader betoogt dat de beschikking van het hof ís-Gravenhage van 19 maart 2008 van aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven heeft voldaan en mitsdien moet worden gewijzigd. Voor de vader staat vast dat hij, gelet op zijn inkomen en schulden, geen draagkracht heeft om enige kinderalimentatie te betalen. Hij geniet met zijn markthandel onvoldoende inkomen en maakt daarom gebruik van de toegestane kredietruimten bij ABN AMRO, de ANWB Visacard en de Rabo privťrekening om zijn lasten te voldoen.

5. Het hof overweegt als volgt.

6. Ingevolge artikel 1:401, vierde lid, Burgerlijk Wetboek (BW) kan een rechterlijke uitspraak betreffende levensonderhoud worden gewijzigd of ingetrokken, indien zij van de aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven heeft beantwoord doordat bij die uitspraak van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan.

7. Indien de beschikking waarvan wijziging wordt verzocht niet berust op een grondig onderzoek naar de draagkracht, ligt het op de weg van degene die wijziging verzoekt om aannemelijk te maken dat de uitspraak van de aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven heeft voldaan. Het is derhalve aan de vader om zijn financiŽle situatie deugdelijk te onderbouwen. De vader heeft hiertoe, onder meer, bij brief van 10 mei 2010 een aantal stukken overgelegd. Het hof is van oordeel dat hiermee nog altijd onvoldoende is komen vast te staan dat de vader ten tijde van de beschikking van het hof en daaraan voorafgaand geen draagkracht heeft gehad. Hoewel uit de stukken zou kunnen worden afgeleid dat de vader geen, dan wel nauwelijks, inkomsten uit arbeid heeft (gehad), volgt uit deze stukken niet hoe de financiŽle situatie van de vader in elkaar steekt. Zo blijkt uit de stukken niet waar de vader van leeft, met name op welke wijze hij zijn lasten voldoet. Uit de stukken volgt onvoldoende ! dat hij van de aan hem verleende kredieten zijn lasten voldoet. Ook ter zitting heeft de vader daaromtrent geen opheldering kunnen verschaffen. Op grond hiervan kan niet worden vastgesteld dat de rechterlijke uitspraak van 19 maart 2008 vanaf het begin niet heeft voldaan aan de wettelijke maatstaven.
Gelet hierop is niet gebleken dat van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan, zodat een beroep van de vader op artikel 1:401, vierde lid, BW niet opgaat en heroverweging van de kinderalimentatie niet aan de orde is.

8. Het hof ontleent aan het inleidend verzoek en/of het beroep van de vader onvoldoende aanknopingspunten om de rechtsgronden ambtshalve aan te vullen, in die zin dat sprake zou zijn van een wijziging van omstandigheden op grond waarvan de beschikking van het hof ís-Gravenhage van 19 maart 2008 heeft opgehouden aan de wettelijke maatstaven te voldoen en dient te worden gewijzigd.

9. Mitsdien beslist het hof als volgt.





BESLISSING OP HET HOGER BEROEP

Het hof:

bekrachtigt de bestreden beschikking;

wijst het in hoger beroep meer of anders verzochte af.





Deze beschikking is gegeven door mrs. Husson, Dusamos en Van der Burght, bijgestaan door mr. Van der Kamp als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 juni 2010.

-
-
WWW.UWWET.nl
2010. Alle rechten voorbehouden.

Uwwet.nl