Logo uwwet.nl wetgeving overwegingen rechter juridische bijstand jurisprudentie uitwerkingen rechtspraak juristen regelgeving uitspraken advocaten besluiten notaris wetten rechtsbijstand rechterlijke beslissingen toelichtingen rechtshulp
www.uwwet.nl is er voor iedereen. Wij bedoelen dan ook iedereen.
Bestudeer uw rechten en plichten op uwwet.nl
-
-
Het reglement van orde van de Eerste Kamer
<     Naar inhoudsopgave                                                       Naar volgende pagina     >



Inleidende bepaling

Artikel 1Omschrijving begrippen

Overal in dit reglement betekent:
a. "de Voorzitter", de Voorzitter van de Kamer;
b. "de Ondervoorzitters", de Ondervoorzitters van de Kamer;
c. "De minister", de verantwoordelijke ministers en staatssecretarissen. Op het lid of de leden van de Tweede Kamer aan wie door die Kamer de verdediging van een aldaar aangenomen voorstel van wet is opgedragen, zijn de bepalingen die in dit reglement op een minister van toepassing zijn, van overeenkomstige toepassing;
d. "het vergaderjaar", de periode die aanvangt op het in artikel 65 der Grondwet bedoelde tijdstip van enig jaar en duurt tot aan hetzelfde tijdstip in het daarop volgende jaar;
e. "de geloofsbrief", de geloofsbrief in de zin der Kieswet met de overige volgens de wet daarbij over te leggen stukken;
f. een "voorstel", een voorstel van wet of enig ander voorstel dat de Kamer in onderzoek nemen wil of aan beschouwing wil onderwerpen;
g. een "gemengde commissie", een commissie die bestaat uit leden van de Eerste en Tweede Kamer.



Hoofdstuk I. Toelating en ontslag van de leden

Toelating van de leden


Artikel 2Blijk geven van verkiezing

1. Elk nieuw benoemd lid doet van zijn verkiezing blijken door overlegging van de bij de Kieswet voorgeschreven stukken.

2. De geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken worden ter griffie ter inzage gelegd voor de leden.



Artikel 3De Kamer beslist over toelating leden

Over de toelating van leden die benoemd zijn verklaard na periodieke aftreding of ontbinding beslist, voor zover mogelijk, de Kamer die op de dag der benoeming zitting heeft.



Artikel 4Onderzoek van de geloofsbrief

1. De Voorzitter vertrouwt het onderzoek van de geloofsbrief toe aan een commissie van drie leden, die hij voor dat doel aanwijst. Een van hen benoemt hij tot voorzitter.

2. In geval van periodieke aftreding of ontbinding van de Kamer wijst hij een tweede commissie als bedoeld in het vorige lid aan. Hij verdeelt het onderzoek van de geloofsbrieven over de beide commissies. Behoort een der aangewezenen tot de nieuwverkozenen, dan wordt zijn geloofsbrief onderzocht door de commissie van welke hij geen deel uitmaakt.

3. De aanwijzing tot lid van een commissie als bedoeld in het vorige lid is geen besluit in de zin van artikel 19, eerste lid.



Einde van het lidmaatschap

Artikel 5Lidmaatschap opgehouden te bestaan

1. Het lid aan wie krachtens het daarop betrekking hebbend artikel der Kieswet *[1] is meegedeeld dat zijn lidmaatschap heeft opgehouden te bestaan, kan daarover binnen acht dagen het oordeel van de Kamer vragen.

2. De Kamer benoemt in het onder het eerste lid bedoelde geval uit haar midden een commissie van onderzoek ,en spreekt geen oordeel uit voordat deze commissie verslag heeft uitgebracht. Indien het betrokken lid daarom verzoekt, wordt hij door de commissie gehoord.



Hoofdstuk II. Inrichting van de Kamer

Tijdelijk Voorzitterschap


Artikel 6Tijdelijk Voorzitter

1. Zolang geen Voorzitter is benoemd treedt een oud-Voorzitter als tijdelijk Voorzitter op, waarbij de laatstafgetredene voorrang heeft. Bij ontstentenis van een oud-Voorzitter treedt als tijdelijk Voorzitter op de laatst afgetreden oud-Ondervoorzitter; bij aanwezigheid van meer gelijktijdig afgetreden oud-Ondervoorzitters treedt degene die het langst zitting heeft in de Kamer als tijdelijk Voorzitter op; bij gelijke zittingsduur gaat de oudste in leeftijd voor. Bij ontstentenis van een oud-Ondervoorzitter treedt het lid dat het langst in de Kamer zitting heeft als tijdelijk Voorzitter op; bij gelijke zittingsduur gaat het oudste lid in leeftijd voor.

2. De tijdelijk Voorzitter legt ten overstaan van de vergadering de eed of verklaring en belofte af.



Benoeming van de Voorzitter en de Ondervoorzitters

Artikel 7Benoeming van een Voorzitter

1. Zo spoedig mogelijk na de aanvang van een nieuwe zitting en bij tussentijds openvallen van het voorzitterschap gaat de Kamer over tot de benoeming van een Voorzitter.

2. Indien de Voorzitter niet meer het vertrouwen van de Kamer bezit, ontslaat de Kamer hem en benoemt zij een nieuwe Voorzitter.



Artikel 8Benoeming Ondervoorzitter

Nadat de Kamer een Voorzitter heeft benoemd, gaat zij over tot de benoeming van een eerste en een tweede Ondervoorzitter.



Artikel 9Voorzitterschap tijdelijk overdragen

1. De Voorzitter kan aan een van de Ondervoorzitters het voorzitterschap tijdelijk overdragen. Is dit niet geschied, dan wordt het voorzitterschap zowel in het geval van artikel 90, als bij ontstentenis van de Voorzitter van rechtswege waargenomen door de eerste c.q. tweede Ondervoorzitter.

2. Is noch de Voorzitter, noch n van de ondervoorzitters beschikbaar, dan wordt de Voorzitter vervangen overeenkomstig de regeling in artikel 6, eerste lid.



Taken van de Voorzitter

Artikel 10Voorzitter leidt werkzaamheden Kamer

De Voorzitter leidt met inachtneming van dit reglement de werkzaamheden van de Kamer.



Artikel 11Voorzitter van de Huishoudelijke Commissie

1. De Voorzitter is lid en Voorzitter van de Huishoudelijke Commissie.

2. Hij zit de bijeenkomsten van het College van Senioren voor.



Artikel 12Voorzitter handhaaft orde tijdens vergaderingen

De Voorzitter handhaaft de orde tijdens de vergaderingen van de Kamer. Hij draagt zorg voor het juist stellen van punten, waarover de Kamer moet besluiten. Hij stelt de uitslag van gehouden stemmingen vast.



Artikel 13Voorzitter vertegenwoordigt de Kamer

De Voorzitter draagt zorg voor het ten uitvoer leggen van alle besluiten door of vanwege de Kamer genomen. Hij vertegenwoordigt de Kamer naar buiten.



Huishoudelijke Commissie

Artikel 14Er is een Huishoudelijke Commissie

1. Er is een Huishoudelijke Commissie.

2. De Voorzitter en de twee Ondervoorzitters zijn lid van de Huishoudelijke Commissie.



Artikel 15Huishoudelijke Commissie oefent toezicht uit

De Huishoudelijke Commissie oefent toezicht uit op de werkzaamheden ter griffie en al wat verder het huishouden van de Kamer betreft.



Artikel 16Huishoudelijke Commissie stelt raming op

1. De Huishoudelijke Commissie stelt een raming op van de in het volgende jaar benodigde uitgaven.

2. De Kamer behandelt de raming op de wijze waarop over wijzigingen in het Reglement wordt beraadslaagd, zoals geregeld in hoofdstuk XIII, met dien verstande dat het voorbereidend onderzoek wordt toevertrouwd aan een daartoe door de Kamer aangewezen vaste of bijzondere commissie.

3. De raming wordt, nadat zij door de Kamer is goedgekeurd, vr 1 juli toegezonden aan de minister die verantwoordelijk is voor het hoofdstuk van de rijksbegroting waarbij de posten voor de Hoge Colleges van Staat worden vastgesteld.



College van Senioren

Artikel 17College van Senioren

1. Er is een College van Senioren.

2. Het College van Senioren bestaat uit de voorzitters van de in artikel 23 en 24 genoemde fracties. Zij kunnen zich doen vervangen.

3. De Ondervoorzitters van de Kamer worden uitgenodigd tot de vergaderingen van het College.



Artikel 18Voorzitter roept College van Senioren samen

De Voorzitter roept het College samen zo dikwijls hij het nodig oordeelt. Op verzoek van ten minste vier leden van het College roept hij het eveneens samen.



Raadpleging van het College en het nemen van besluiten

Artikel 19College van Senioren staat Voorzitter bij

1. Het College van Senioren staat de Voorzitter bij in het leiden van de werkzaamheden van de Kamer. De Voorzitter raadpleegt daartoe het College inzake de besluiten en voorstellen, die hij krachtens dit reglement neemt of doet.

2. Van het bepaalde in het vorige lid zijn uitgezonderd de besluiten en voorstellen van de Voorzitter van welke dit reglement zulks uitdrukkelijk vermeldt en de besluiten welke hij staande de vergadering neemt inzake handhaving van de orde.

3. Over alle besluiten of voorstellen kan de Voorzitter het College horen en kan het College hem eigener beweging van advies dienen.



Artikel 20Besluit zonder advies te hebben ingewonnen

Indien advisering vanwege het spoedeisend karakter der aangelegenheid zijns inziens niet mogelijk is, besluit de Voorzitter zonder tevoren het advies van het College te hebben ingewonnen.



Artikel 21Voorzitter doet mededeling van besluit

1. De Voorzitter doet, nadat hij een besluit in de zin van artikel 19, eerste lid, of artikel 20 heeft genomen, in de eerstvolgende vergadering van de Kamer daarvan mededeling. Indien het College van Senioren ingevolge de in artikel 20 bedoelde omstandigheden niet over een voorstel of een besluit is gehoord, deelt de Voorzitter dat gelijktijdig met zijn beslissing of voorstel mede.

2. Hij kan zijn besluit ook schriftelijk mededelen.



Artikel 22Ordevoorstel indienen om van besluit af te wijken

1. Ieder lid kan in de vergadering van de Kamer waarin de mededeling bedoeld in het eerste lid van artikel 21 is gedaan, of indien de mededeling schriftelijk plaatsvond in de eerstvolgende openbare vergadering na die mededeling, een ordevoorstel indienen om van het besluit af te wijken.

2. Een voorstel wordt door de Kamer slechts in behandeling genomen, wanneer het door ten minste vier andere leden der Kamer gesteund wordt.

3. Indien de Kamer het voorstel aanvaardt, treedt het voorstel in de plaats van het besluit van de Voorzitter.

-

Het reglement van orde van de Eerste Kamer is voor het laatst geactualiseerd op: 23 januari 2017.

De status van deze wet is: zeer goed.

Klik hier voor meer informatie.

<     Naar inhoudsopgave                                                       Naar volgende pagina     >
-
WWW.UWWET.nl
Sinds 2009. Alle rechten voorbehouden.

Uwwet.nl